www.fmi.ch

Voor de werking van genen is niet alleen de DNA-reeks van belang, maar ook de chromosomale omgeving en de locatie binnen de celkern. In feite kan de omgeving van de genen bepalen hoe een nieuwe cel zich ontwikkelt, door te regelen of deze genen al dan niet zijn uitgeschakeld. Bij de vorming van een orgaan, bijvoorbeeld de lever of een long, moeten vele duizenden cellen worden geproduceerd, alle met dezelfde set van ingeschakelde genen. Susan wil graag begrijpen hoe het komt dat nieuwe cellen hetzelfde patroon van omgevingsgenregulatie erven als hun oudercellen, en zich tot hetzelfde celtype ontwikkelen.